www.socialedialoog.be - De rijke woordenschat eigen aan stakingen

De ene staking is de andere niet. Zeggen dat elke staking anders is klinkt overdreven, maar er zijn wel vele soorten. De woordenschat van de stakingen in kaart brengen is een kleurrijke oefening.

Verschillend woordgebruik volgens het niveau

  • “algemene staking” : werknemers uit alle sectoren en in alle delen van het land staken, meestal om de Regering onder druk te zetten wanneer die besparingsmaatregelen in de sociale zekerheid of hervormingsplannen overweegt; synoniemen “nationale staking”, “interprofessionele staking”; niet te verwarren met “politieke staking”;
  • “sectorale staking” : de staking om de sectorale onderhandelingen onder druk te zetten door acties in zo veel mogelijk ondernemingen van eenzelfde sector; komt zelden voor;
  • “regionale stakingen” en “provinciale stakingen”: te vergelijken met algemene stakingen maar beperkt tot een regio of provincie.
  • “ondernemingsstaking”: staking die uitbreekt om een onderhandeling op ondernemingsniveau onder druk te zetten, zelden om loonsverhogingen te bekomen, soms omdat de werkdruk te hoog is, meer omdat de werkgever een herstructurering heeft aangekondigd.

Verschillend woordgebruik volgens het motief

  • “gewone staking” : staking als drukkingsmiddel op onderhandelingen die vastlopen;
  • “demonstratieve staking” of “waarschuwingsstaking”: de staking met het doel de spieren te rollen; toont de woede van de werknemers en demonstreert de macht van de groep. Het is een soort verwittiging en fungeert niet onmiddellijk als drukkingsmiddel om hun eisen onmiddellijk ingewilligd te zien. Dergelijke staking, dikwijls een algemene staking, heeft een belangrijke participatief-democratische dimensie. Het doel bestaat er in een actieve, systematische, collectieve en brede discussie op gang te brengen over het politieke beleid en alternatieven voor te stellen;
  • “solidariteitsstaking”:deactievoerders die geen onmiddellijk belang hebben bij het conflictstakenuitsolidariteitmetwerknemers uitandereafdelingenofondernemingen;
  • “oefeningsstaking” : het klinkt cynisch maar het kan voorkomen in periodes of landen waar weinig gestaakt wordt: indien een vakbond het stakingswapen niet af en toe gebruikt zullen de managementvaardigheden verloren gaan om een grote staking te organiseren als het werkelijk nodig is. In die zin is elke staking een oefening voor de volgende;
  • “politieke staking”: de vakbonden organiseren een staking tegen politieke beslissingen en kunnen zelfs de val van een regering beogen.
  • “inschikkelingsstaking” : een staking die geen enkele marge geeft aan de werkgever om tot een compromis te komen. Een voorbeeld: werknemers weigeren collectief overuren te doen op het moment dat ze gepresteerd zouden moeten worden.

Verschillend woordgebruik volgens de feitelijke vorm

  • “parelacties” : een reeks korte werkonderbrekingen, vroeger soms ook “paternosterstaking” genoemd;
  • “estafetteacties” of “beurtacties”: een reeks korte stakingen door diverseafdelingen. In het Frans “grève tournante” genoemd;
  • “sitdown-staking” : de werknemers zijn aanwezig op de werkplaats maar in plaats van te werken gaan ze gewoon zitten. Het onderscheid met een bedrijfsbezetting is moeilijk te maken.
  • “slowdownstaking”: alle werknemers gaan naar hun werkpostomertewerkentegeneenlagertempodannormaal (“opération escargot”) terwijlzijal dannietdepoorten(meestalalleendeuitgang van de magazijnen)blokkeren;
  • “speerpuntacties”:stakingenvanenkelewerknemersopcrucialeposten zodat de collega’s zonder werk vallen. In het Frans gebuikt men de termen “grève par procuration”, “grève bouchon” of nog “grève thrombose”.
  • “betaalstaking”: de werknemers laten de consumenten gebruik maken van de dienstverlening door de werkgever maar vragen hen niet te betalen. Valt juridisch gezien niet onder het begrip staking; moet gekwalificeerd worden als werkweigering, net zoals “stiptheidsacties” (in het Frans “grève du zèle”);
  • “sms-staking”: een voorbereide staking die de stakingsleiders laten uitbreken door een sms-bericht naar de militanten. Komt meer voor in Nederland;
  • “japanse staking” is eigenlijk geen staking, want de werknemers werken door maar uit protest tegen de werkgever dragen ze een zwarte armband;
  • “virtuele staking”: is nog maar enkele keren voorgekomen in de geschiedenis. Op basis van een afspraak met de werkgever werken de werknemers maar ze ontvangen geen loon terwijl de werkgever de toegevoegde waarde gerealiseerd op de stakingsdag op de rekening van een goed doel stort.

Verschillend woordgebruik volgens de juridische vorm

  • “rechtmatige stakingen” of stakingen met naleving van de procedures (aanzeggingstermijnen) en van de sociale vredeclausules en voor een rechtmatig doel;
  • “onrechtmatige stakingen”: stakingen zonder naleving van de procedures of tegen de clausule van sociale vrede, of nog omwille van onrechtmatige redenen, bijvoorbeeld zuiver politieke stakingen.
  • “wilde stakingen” of “spontane stakingen”: stakingen die uitbreekt onder de werknemers op de werkvloer zonder de vakbonden. Per definitie onrechtmatige stakingen want ze worden ontketend zonder naleving van de aanzeggingsprocedure of tegen de afspraken inzake sociale vrede;
  • “lock-out” of “uitsluiting” is de staking van de werkgever als hij een groep werknemers weigert werk te geven en geen loon betaalt.

En tot slot verhullende woorden die de pers zonder kritische zin gebruikt.

  • "werkonderbreking”: eufemisme voor staking
  • "recht om niet te werken maar gedekt door  vakbond": eufemisme voor staking van werknemers om deel te nemen aan een betoging.
Als de goedkope werknemer niet naar de werkgever komt, dan gaat de werkgever wel naar het land van de werknemer.
Neelie Kroes