www.socialedialoog.be - Het echte doolhof van statuten in de privésector

Hoeveel statuten bestaan er om professionele activiteiten in de privésector uit te oefenen? Iedereen kan snel tot de conclusie komen dat er drie standaardstatuten zijn volgens het arbeidsrecht en sociale zekerheidsrecht:  arbeider, bediende en zelfstandige. Je moet een uitgeslapen specialist zijn om een volledige lijst op te stellen.

Juristen hebben in de schoot van de Nationale Arbeidsraad een lijst opgesteld waar je alleen met open mond kan naar staren. In een "niet-exhaustief overzicht van vermoedens en bijzondere regelingen in het arbeidsrecht en de sociale zekerheid" sommen zij 38 aparte statuten op (zie de lijst hieronder).

Zelfs de reguliere statuten van arbeider en bediende zijn niet eenvoudig. Volgens de economische sector waarin zij werken zijn ze onderverdeeld in paritaire comités met de minimum loon- en arbeidsvoorwaarden. Zo zijn er een honderdtal paritaire comités en nog eens ongeveer 70 paritaire subcomités.

En toch wordt iedereen geacht de wet te kennen.

We staan hier voor een typisch voorbeeld van de wet van Pareto, d.i. de wet die bepaalt dat 20% inspanningen goed is voor 80% van het resultaat en vice versa. 80% van de burgers werkzaam in de privésector zijn arbeider, bediende of zelfstandige. Voor de overige vond de wetgever het nodig 38 statuten uit te werken. Een twintigtal paritaire comités zijn bevoegd voor het gros van de tewerkstelling van arbeiders en bedienden.

________________

niet-exhaustief overzicht van vermoedens en bijzondere regelingen in het arbeidsrecht en de sociale zekerheid  anno 2017 (bron: Nationale Arbeidsraad)
-    Dienstboden
-    Huisarbeiders
-    Weerlegbaar vermoeden voor bepaalde sectoren:
    •    sector van de autobussen en autocars
    •    sector van de verhuur van voertuigen met chauffeur en van collectieve taxidiensten
    •     sector van het wegvervoer en de logistiek voor rekening van derden
    •    sector van de bewaking
    •    sector van de bouw
    •    sector van de land- en tuinbouw  
-    Handelsvertegenwoordigers
-    Sportlui
-    Sportmanifestaties
-    Socioculturele sector
-    Gelijkaardige bijkomende prestaties
-    Schooltoezicht
-    Kunstenaars (art. 1 bis, kleine vergoedingsregeling)
-    Leerlingen
-    Stagiairs
-    Personenvervoerders
-    Goederenvervoerders
-    Mindervaliden
-    Studenten
-    Bursalen
-    Onthaalouders
-    Uitzendkrachten
-    Echtgenoten
-    Landbouwarbeiders
-    Huispersoneel
-    Persoonlijke assistenten
-    Vrijwilligers
-    Vrijwillige brandweerlieden/ambulanciers
-    Personeel schoonmaaksector/dienstenchequebedrijven
-    Zelfstandigen:
     *  zelfstandigen in bijberoep
     * helper
     * meewerkende echtgenoot
     * student-ondernemer

Aan die lijst moet o.i. nog de toegevoegd worden de vissers, de champignonkwekers en de journalisten die vergoed worden o.b.v. auteursrechten.

Les lois « doivent être simples et ne doivent point être subtiles. Elles ne sont point un art de logique mais la raison simple d’un père de famille »
Montesquieu