www.socialedialoog.be - Uberisatie stelt fundamenten van de economie in vraag

Marc De Vos stelt terecht de vraag welk statuut men moet toekennen aan de deelnemers van de deeleconomie. Werknemer of zelfstandige? Het is een gordiaanse knoop voor rechters, met wie men medelijden zou moeten hebben, zo stelt hij in Knack.

Zo lang de vraag beperkt blijft tot deze tweedeling is een "level playing field" voor de gevestigde economie en de deeleconomie niet mogelijk en komt de sociale bescherming zoals wij die kennen in het gedrang.

De deeleconomie komt zo brutaal op ons af dat er nog geen oplossingen naar voor worden geschoven. Het vlindereffect is nog lang niet gekend. We zullen moeten nadenken over alternatieven. We zullen de indeling tussen werkgeversbijdragen en werknemersbijdragen voor de sociale zekerheid misschien moeten opgeven. Of komt er dan toch een echt sociaal eenheidsstatuut werknemer-zelfstandige-ambtenaar?

Echt verontrustend is dat noch de nationale politiek noch de Europese politiek noch de sociale partners het signaal geven dat zij het probleem voor ogen houden. Als zij de oplossing niet regelen, dan zal inderdaad de rechter moeten beslissen. "Le gouvernement des juges" is dan niet meer veraf, met onvermijdelijk kunst en vliegwerk.

De koudwatervrees om het probleem aan te pakken is verstaanbaar maar niet lang meer verschoonbaar. Hopelijk zien de internationale spelers in dat ook zij een verantwoordelijkheid dragen.

Die spelers kunnen ingehaald worden door een rechter van San Francisco, die over het statuut van de chauffeurs van Uber een uitspraak moet doen, zo leren we uit De Tijd van 8 augustus '15.  Die rechter zal zich allicht niet laten inspireren door het advies van de RSZ aan Bart Tommelein dat stelt dat de Uber-chauffeurs zelfstandigen zijn.

In afwachting is het interessant aanverwante buitenlandse rechtspraak te volgen die over commerciële contracten (Uber, franchising, uitzendarbeid, ...) springt om het begrip werkgever te verruimen.

Op 3 juni heeft de California Labour Commissioner geoordeeld dat een Uber-chauffeur eigenlijk een werknemers was.

De National Labor Relations Board, de Amerikaanse overheidsdienst bevoegd voor de controle op de arbeidswetgeving, heeft in de zaak Browning-Ferries Industries de gebruiker van uitzendkrachten het statuut van werkgever gegeven zodat die aansprakelijk kan gesteld worden voor overtredingen van de arbeidsreglementering. Deze case toont aan dat de rechtspraak eerder dan de wetgeving zich zal aanpassen aan de nieuwe veranderende vormen van economische samenwerking.

Hetzelfde National Labor Relations Board heeft zelfs geoordeeld dat de McDonald's de werkgever was van werknemers van een (quasi)franchisenemer.

la vocation première du droit de travail, c'est de clarifier et pacifier les relations d'emploi.
Michel Forestier